De weg op
Gelukkig is de belangrijkste eigenschap van een naked dat hij jou het rijden laat ervaren als geen andere motor. En er is maar een manier om dat uit te testen: opstappen en rijden.Het eerste dat opvalt bij het opstappen is hoe klein deze GSR oogt. Het stuur zit comfortabel binnen handbereik, de tank is weliswaar fors maar zit nergens in de weg, het zadel is kort. Korter dan je zou willen misschien, want tijdens het rijden komen we regelmatig tegen het duozitje aan. Ga je echter rechter op zitten dan wordt het contact met de motor snel minder. In plaats van "in" de motor te zitten, zit je er dan op.
Dat gebrek aan contact wordt versterkt door het geluid van de motor. Dat is er namelijk nauwelijks. De uitlaat, welliswaar mooi vormgegeven, reduceert het motorgeluid tot het punt waarop je de motor bijna niet meer hoort door de windruis. Dit kan wennen zijn voor mensen die gewend zijn te schakelen op het geluid van de motor, al is het best aangenaam voor de buren als je vroeg in de ochtend je woonwijk uit rijdt.
Deze fiets heeft maar een hele korte gewenningsperiode nodig. Amper tien minuten na het inruilen van mijn supersport Honda voel ik me al thuis achter het brede stuur van de Suzuki. Weliswaar zit je aan de achterkant een beetje tegen het duozitje aan en is het even wennen aan de wind die aan je helm trekt, maar oncomfortabel wordt het nooit.
Rustig zoeven we door het verkeer, of dat nu in de stad is, op de snelweg of op een dijkweg. Sturen op deze motor is een kwestie van kijken en gaan. Het kost geen enkele moeite om de fiets daar te plaatsen waar jij hem hebben wilt.
Het "hart in de keel moment" komt eigenlijk pas zodra je naar beneden kijkt, naar je dashboard. Zonder dat je er erg in hebt prijken daar al snel hoogst illegale snelheden op de teller. Het motorblok reageert namelijk erg lineair, alsof je in z'n vrij de heuvel afrolt. Combineer dat met de moeiteloos schakelende versnellingsbak, de uitlaat die vrijwel geen lawaai maakt en voor je het weet kijk je naar een nette, maar rijbewijsonvriendelijke, 250 kilometer per uur op het dashboard.
Het nadeel hiervan is dat de fiets zo makkelijk en bijna geluidloos rijdt, dat hij een tikje "braaf" aanvoelt. Geen trap na boven de 8000 toeren, geen toerenbrul, geen sensatietoestanden. Het gaat allemaal heel (te?) gemakkelijk.
Nu is je rijplezier wel uit andere dingen te halen, en dat gebeurt ook zeker wel. Omdat de fiets zo in evenwicht voelt en zoveel vertrouwen geeft ga je al rap wat sneller rijden. Je neemt bochten scherper en je gaat eerder op het gas omdat je precies weet wat je van je fiets kan verwachten. Dat kan een rit met deze motor ongemerkt soms behoorlijk snel maken.
Het is geen enkel probleem om even snel ergens tussendoor, langs of soms zelfs overheen te gaan. Stoepjes, steegjes, nauwe bochten en gewoon door de file rijden, deze motor maakt het allemaal heel makkelijk. Of je 30 of 130 rijdt maakt deze motor eigenlijk niets uit. "Ik breng je wel even" lijkt de GSR te zeggen.

